In studie op het brede terrein van de streekcultuur werd één en ander vaak gereduceerd tot plattelanders. Het volk, dat waren de boeren en de vissers. Arbeiders behoorden daar vroeger niet toe, maar sinds 1960 wel. De eerste groep woonde op het platteland, waarbij de morele waarden en normen van de groep dominant waren. De streekcultuur is sterk in ontwikkeling, is van statisch dynamisch geworden. Momenteel kunnen we in de streekcultuur spreken van groepsculturen. Het gaat niet meer om oude stammen, boeren of vissers. Streekcultuur heet nu ook wel ethnologie, en het gaat om de handelingen van personen. Vernieuwingen, zoals bij landbouwwerktuigen (tractoren, combines) veranderen de samenleving. Mensen spelen een rol in familie, buurt, regio, werk, godsdienst, vrijetijdsbesteding en onderwijs.