Museum TwentseWelle

Modellen Leonardo in 'De droom van het vliegen'

Kunstenaar Leonardo da Vinci kon het dromen niet laten. Duizenden pagina’s tekende en schreef hij vol met uitvindingen. Hij bedacht helikopters, auto’s en kanonnen. Én talloze manieren om te vliegen. Voor de tentoonstelling 'De droom van het vliegen' heeft TwentseWelle drie modellen van Leonardo in bruikleen gekregen van het Museo Nazionale della Scienza e della Tecnologia Leonardo da Vinci in Milaan. 

Leonardo

Waar hij ook ging, altijd had Leonardo een notitieboek bij zich. Zo zorgde hij ervoor dat hij geen enkele observatie vergat en geen enkel idee liet vervliegen.

Toen de nog maar veertienjarige Leonardo in 1466 als schildersleerling naar Florence kwam, was hij al anders. Een beetje een rare vonden de mensen hem. Iemand die niet helemaal paste. Hij kwam uit Vinci, een klein stadje zo’n dertig kilometer verderop. De vallei van de rivier de Arno was zijn jongenskamer. Daar zag hij zijn eerste ‘vliegmachines’: boven het dal zweefde altijd wel ergens een buizerd.


Het was het begin van zijn levenslange fascinatie voor het vliegen. ‘Wat is een vogel? Een mechaniek, nietwaar?’ schreef hij later. Het moest volgens hem mogelijk zijn om zo’n mechaniek na te bouwen. Niet dat Leonardo op zoek was naar zoiets als ons vliegtuig. Nee, het ging hem om de nabootsing van de natuur. Want als je het nabouwde en het wérkte, dan doorgrondde je het pas echt. En dat deed hij.


De modellen zijn nog tot begin oktober 2017 te bewonderen in 'De droom van het vliegen'.